Huub Neys (1954) experimenteert al 25 jaar met het natuurlijke en het onnatuurlijke. 
Het boek "Het natuurlijke en het onnatuurlijke" is het resultaat van zijn zoektocht naar ons geluk. 
Na 23 jaar half in Nederland en half in Indonesië gewoond en gewerkt te hebben leeft hij nu voornamelijk in Indonesië.

Een interview met de auteur staat op
http://www.ustream.tv/recorded/15833683

Een duidelijker, kort maar recent intervieuw staat op http://youtu.be/jfg-yAJ2WkM

"Ik was groothandelaar en importeur van kado-artikelen en had een druk beroep met veel klanten en veel reizen tussen Indonesië en Nederland. Ik heb er zelfs over gedacht op te houden met mijn zaak om tijd te vinden om de brief, het boek dus, te schrijven. Het is toch in drie jaar tussen de bedrijven door gelukt. Voornamelijk in Bali waar mijn hart ondertussen ligt. En hoewel de meeste informatie uit deze brief recent is ligt de basis in een verlangen dat ik al had toen ik heel jong was.

Ik had altijd het gevoel dat ik van nature goed was. Maar in mijn pubertijd bleken veel vrienden en anderen te zeggen dat de mens van nature slecht is. Ik kon dan alleen maar tegenspartelen maar veel leverden discussies over goed en kwaad niet op. Om over bewijzen maar helemaal niet te spreken.

In mijn zoektocht naar het bewijs voor dat gevoel en waarom de mens er dan toch zo´n puinhoop van maakt heb ik heel veel geleerd. Het was ook de reden dat ik psychologie ben gaan studeren. Een studie overigens die ik gelukkig tot 2 keer toe niet heb afgemaakt omdat ik dan waarschijnlijk te veel van mijn vrijheid, om het leven in al zijn aspecten te leren kennen, verloren zou hebben.

Ik dacht in die tijd dat het lichaam de beste gids was om weer heel en gezond te worden. Het was omdat we niet luisterden naar het lichaam en naar ons onbewuste dat we de fout in gingen. We luisterden te veel naar ons verstand. We hoefden maar naar onze dromen, verlangens en fantasieën te luisteren om precies te weten wat we nodig hadden om beter te worden. Het was de angst voor verandering, het gebrek aan kennis van onze natuur en luiigheid die ons daarin hinderden. Maar ook dat je niet kon oefenen met anderen omdat iedereen met die problemen zat. Het liefste had ik een commune gesticht met mensen die wilden oefenen in het natuurlijk zijn. Ik was daarom ook lid van de Liedloff-groep, een club mensen uit heel Nederland die regelmatig bij elkaar kwam om te praten over het inspirerende boek dat de Engelse Jean Liedloff geschreven had. Dat boek ging eigenlijk over instinctief leven, het vergeten zijn te luisteren naar onze natuurlijke instincten. Het heette dan ook: ´Op zoek naar het verloren geluk´. In plaats van instinct gebruikte zij echter het woord continuüm. Dat klinkt veel beter en zorgde ervoor dat het boek bij een breed publiek bekend kon worden.

Maar ondertussen heb ik veel levenservaring opgedaan en nieuwe inzichten ontwikkeld. Ik zie nu dat het lichaam om de tuin geleid is. We verlangen dingen die niet goed voor ons zijn. Systemen die voor ons werkten (instincten) werken door vergiftiging en onze cultuur nu tegen ons. Alleen een fundamentele schoonmaak kan ons helpen. En net zoals de ellende op het materiële vlak begon zal de genezing ook op het materiële vlak moeten beginnen.

Mensen om ons heen zeggen dat de samenleving zo niet werkt en dat we het anders moeten doen. Als we dit en als we dat. Maar wat ik aan wil tonen is dat we fundamenteel in tegenspraak bezig zijn met onze menselijk natuur die in ons lichaam, onze genen opgeslagen zit. We komen er niet uit zonder dat we die weer in ere herstellen. En daarvoor zullen we samenleving bij de wortel moeten aanpakken. Letterlijk en figuurlijk.

Op dit moment hebben we constant de illusie dat als we dit of dat gaan aanpakken dat het dan wel in orde komt. Maar dat doet het niet. We raken steeds verder af van ons overleven op deze planeet.

Dat moeten we duurzaam organiseren en dat kan maar op één manier. Het in ere herstellen van onze natuur van onze natuurlijke impulsen, onze instincten.

Ik moet wel een excuus maken aan de vrouwen die dit boek hebben gelezen. In het Nederlands is het gebruikelijk om personen in de hij-vorm te benoemen. Ik heb heel veel stukken tekst geprobeerd om te zetten in hij/zij en om vaker haar in plaats van hem te gebruiken maar het loopt niet lekker. Ik zit te vast in de traditie. Ook als ik dat soort probeersels bij anderen lees klinkt het niet lekker. Het leidt de aandacht af van de tekst. Ik vind dat jammer omdat ik juist zo pleit voor een eerherstel van het vrouwelijke en het vrouwelijke een belangrijke plaats zie hebben in de toekomstige verandering van bewustzijn. Het is niet anders. Ik ben een man en kijk vanuit de optiek van een man. Ik kijk nu al uit naar de Indonesische editie omdat je in die taal in de derde persoon ´dia´ het geslacht niet hoeft te noemen ☺

Deze brief is vanzelfsprekend ook een ´werk in uitvoering´. Ik hoop dat er een volgende editie komt en dat die beter is dan deze. Dus ik sta open voor opbouwende kritiek, waar een suggestie voor verbetering in zit."